link bovenaan

Header
hockeyNews  |  KBHB  |  VHL  |  LFH
De exponentiŽle groei van hockey: KBHB, VHL en LFH verankeren groei hockey

13/10/2017 - Op vijf jaar tijd is de KBHB gegroeid van 27.922 tot 44.327 leden (cijfers 9 oktober 2017). De KBHB heeft zelfs de ambitie om tegen 2020 de kaap van de 50.000 leden te overschrijden. Daarbij gaan de hockeybond en de twee regionale liga’s, de VHL en LFH, pro-actief en coördinerend te werk.

Klik op Lees meer.


Een groei van ruim 57% op slechts vijf jaar tijd is een heel fraai resultaat voor een sport die de vruchten plukt van de in 2005 genomen beslissing om in te zetten op professioneler bestuur en jeugdwerking. Deze groeikoers duurzaam in stand houden vormt een enorme uitdaging voor de KBHB en de twee liga’s, de Vlaamse Hockey Liga en Ligue Francophone de Hockey. Na de regionalisering van de KBHB in 2012 volgen de VHL en LFH vergelijkbare strategieën, waarbij ze tevens rekening houden met specifieke prioriteiten of met de eigen realiteit.

“De groei van het ledenaantal speelt zich af op twee fronten,” zegt Christoph Van Dessel, secretaris-generaal van de VHL. “Enerzijds zien we dat de bestaande clubs blijven groeien. De laatste jaren besteden vele bestaande clubs veel aandacht en middelen aan het verbeteren van hun infrastructuur, zoals velden en cafetaria, en aan mobiliteit. Anderzijds komen er ook vele nieuwe clubs bij. Daarbij speelt de VHL een coördinerende voortrekkersrol. Bij beide groeipatronen kunnen de clubs rekenen op begeleiding en opleidingen vanuit de VHL.” De LFH volgt een vergelijkbare strategie om bestaande clubs te ondersteunen bij hun organische groei en om lokale initiatieven voor en door nieuwe clubs levensvatbaar te maken.

Hockey in België stond historisch sterk in de as Brussel – Antwerpen. Buiten die as waren er slechts clubs in veelal grotere steden, zoals Gent, Kortrijk en Leuven. De VHL zet vooral in op nieuwe clubs buiten deze as. “We kijken dan vooral naar gemeenten of steden met een bevolking van minstens 20.000 inwoners: de ervaring heeft ons geleerd dat dit een goede basis is om te groeien tot een club van zowat 350 leden of meer,” zegt Van Dessel.

Vooral in Limburg is er groeipotentieel, maar ook in Oost- en West-Vlaanderen en Vlaams-Brabant. “Dankzij de uitstekende resultaten van de Red Lions en Red Panthers is er grote belangstelling bij gemeentebesturen om hun bevolking te laten proeven van hockey,” weet de VHL-secretaris-generaal. “De VHL neemt doorgaans contact met de sportdienst om initiaties te kunnen organiseren, bijvoorbeeld op het kunstgrasveld van de lokale voetbalploeg. Belangrijk is dat de gemeente ondersteunend werkt, door te communiceren met de bevolking via flyers, de website of sportkampen. De VHL levert initiators en materiaal, en begeleidt lokale initiatiefnemers in hun eerste stappen.”

De lokale verankering is daarbij een belangrijk element. Vrijwilligers, vaak ouders, worden gepolst of ze willen meewerken aan de oprichting van de nieuwe club. De VHL helpt bij het betrekken van de gemeenschap via een Facebook-groep en een website, voorziet in extra-lessen, kijkt samen met het clubbestuur en de gemeente naar de beschikbare infrastructuur, helpt bij het opstellen van een business plan, leidt vrijwilligers op in alle aspecten van sportief en clubbestuur, enzovoort.

De beschikbare infrastructuur is vaak een aandachtspunt: “Soms is er geen veld beschikbaar of moet het gedeeld worden met andere sporten," legt Van Dessel uit. "Wanneer de lokale initiatiefnemers of de gemeente willen en kunnen investeren in velden, kan de VHL haar ruime ervaring delen inzake het indienen van een subsidieaanvraag in het kader van het Globaal Sportinfrastructuurplan voor Vlaanderen. Op dit ogenblik lopen er 8 hockeydossiers, die tot 30% kunnen gesubsidieerd worden. Ook bestaande clubs komen hiervoor in aanmerking.”

De ondersteuning vanuit de VHL eindigt niet bij de oprichting van de club en opname in de VHL. “Via de Hockey Academy willen we alle clubs, oud en nieuw, een kwalitatief hoogstaande omkadering bieden.” Die bestaat uit de Coach Academy voor trainers en coaches, de Umpire Academy voor de opleiding en vorming van scheidsrechters en de Club Manager Academy voor alle bestuurlijke functies binnen een club.

De drie onlangs erkende nieuwe clubs, HC Olympia (Antwerpen), HC Genk en HC Beveren, zijn typerend voor de groeistrategie van de VHL. Olympia is de eerste hockeyclub op het grondgebied van de stad Antwerpen, die zich sterk engageert in dit project. Genk en Beveren waren twee blinde vlekken op de kaart. In de pipeline zitten projecten in onder andere Torhout, Dendermonde, Tongeren en Beringen. “We zijn actief op zoek naar extra-personen die een pro-actieve coördinatierol kunnen spelen bij de oprichting van nieuwe clubs,” besluit Van Dessel.

Ook in Franstalig België haalt deze strategie uitstekende resultaten. “In Henegouwen hebben we op twee jaar tijd 45% meer leden,” zegt Dominique Coulon, secretaris-generaal van de LFH. Zelfs in Waals-Brabant is er duidelijk vraag naar en ruimte voor meer clubs, zoals het succesverhaal van Rixensart aantoont. Maar ook in Wallonië is (een gebrek aan) infrastructuur vaak een probleem. “Sommige clubs lossen dit op door elders te spelen, zoals Hannuit dat de velden van de Old Club de Liège gebruikt. Andere clubs, zoals Ascalon met ongeveer 350 leden en Aarlen met 425 leden, spelen op verschillende locaties of delen hun veld met andere sporten.” Wallonië heeft echter het bijkomende probleem van een lagere bevolkingsdichtheid, zodat het moeilijk wordt om binnen een redelijke afstand voldoende geïnteresseerden te vinden om uiteindelijk een club op te richten. Brussel telt nu al verschillende grote clubs, maar ook daar zien Van Dessel en Coulon nog groeimogelijkheden.

Bij een groot deel van de bevolking leeft nog de perceptie dat hockey een elitaire sport is. Zowel Van Dessel als Coulon zijn het daar niet (langer) mee eens. “De statistieken tonen aan dat een heel ander publiek actief bij hockey betrokken geraakt, en dat is goed nieuws,” zegt Coulon. “In Brussel investeren veel clubs in integratieprojecten, waarbij de scholen een belangrijke rol spelen.” Van Dessel beklemtoont dat hockey sterk gedemocratiseerd is. “Bovendien krijg je bijzonder veel waarde voor het lidgeld: twee tot drie trainingen van een opgeleid trainer en deelname aan competitie, en dit in een steeds fraaiere topinfrastructuur.” Zowel Van Dessel als Coulon staat er echter op dat de basiswaarden van hockey gehandhaafd blijven: respect voor mede- en tegenspelers, officials, clubs en infrastructuur en fair-play.

Volgende aflevering: investeren in de toekomst: G-hockey en tophockey

reageer
Enkel ingelogde personen kunnen op artikels reageren
© 2012, website powered by ONLI   |   editors